In ongeveer 70% van alle gevallen van huidkanker gaat het om een basaalcelcarcinoom. Deze vorm van huidkanker komt meestal voor bij mensen van 40 jaar en ouder. Geschat wordt dat er in 2008 in Nederland 35.000-40.000 nieuwe gevallen van het basaalcelcarcinoom geconstateerd zullen worden. De reden daarvoor wordt vooral gezocht in het feit dat we sinds de jaren ’70 steeds vaker en langer in de zon (en onder de zonnebank) zijn. Basaalcelcarcinoom komt namelijk vooral voor op delen van de huid die veel aan UV-licht zijn blootgesteld.
Basaalcelcarcinoom groeit langzaam en zaait bijna nooit uit. Toch is het belangrijk om het op tijd te behandelen, omdat de tumor gezond weefsel aantast.
Basaalcelcarcinoom herkennen
Meestal ziet het basaalcelcarcinoom eruit als een glad, glazig knobbeltje of een afgeplat rood bolletje met een parelmoer randje. Soms is het een puistje dat verdwijnt maar telkens op dezelfde plaats terugkomt, soms ziet het eruit als een eczeemplekje dat maar niet wil verdwijnen. Ook kan er sprake zijn van een gladde, witte littekenachtige plek die spontaan lijkt te groeien. In bijna alle gevallen ontstaat na verloop van tijd in het midden een zweertje of wondje. Klik hier voor foto's van een basaalcelcarcinoom.
Oorzaak
Er is een duidelijke stijging te zien in het aantal gevallen van basaalcelcarcinoom. Zonlicht en UV-straling uit zonnebanken zijn waarschijnlijk de belangrijkste oorzaak voor deze soort huidkanker. Toen ‘een gezond bruin kleurtje’ in de mode kwam in de jaren ’60 en ’70, was er nog weinig bekend over de gevaren van de zon. Omdat we sinds deze periode ook steeds vaker en zuidelijker op vakantie zijn gegaan, zijn veel mensen blootgesteld geweest aan hoge doses UV-straling.
Gevaar
Van alle vormen van huidkanker is basaalcelcarcinoom het minst agressief. Er bestaat vrijwel geen gevaar op uitzaaiingen. Toch is het belangrijk om dit type huidkanker vroeg te behandelen. De tumor tast namelijk gezond weefsel aan, een proces dat onomkeerbaar is.
Behandeling
Om de diagnose te stellen zal een huidbiopsie gedaan worden. Daarbij wordt een klein stukje huid verwijderd en voor pathologisch onderzoek naar het laboratorium gestuurd. De verdere behandeling hangt onder andere af van de plaats en grootte van de tumor, de microscopische kenmerken en uw gezondheid. Meestal is een excisie (chirurgisch verwijderen) voldoende. Wanneer de wond te groot is om te kunnen hechten, moet er een reconstructie gedaan worden door de plastisch chirurg. Die zal de wond sluiten door middel van een verschuiving of transplantatie van huidweefsel.
Basaalcelcarcinoom kan verder worden behandeld met PDT (lichttherapie) en lokale chemotherapie. Ook zijn behandeling door middel van vloeibare stikstof (cryochirurgie), elektrisch snijden (elektrochirurgie) en bestraling mogelijk.
Na de behandeling is een regelmatige controle van groot belang. Wanneer u eenmaal een basaalcelcarcinoom heeft gehad, is de kans 40% dat zich binnen vijf jaar een nieuw basaalcelcarcinoom ontwikkeld. Naast de controles door de dermatoloog is ook zelfonderzoek aan te bevelen. Vindt u verdachte plekjes, niet genezende of telkens terugkerende wondjes, dan moet u contact opnemen met de dermatoloog.